Where is the Friend’s Home? (Abbas Kiarostami, 1987)

Where is the Friend’s Home? biedt een blik op het leven van het Iraanse platteland door de ogen van Ahmed, een jochie van acht. Via hem kijken we naar de hiërarchische verhoudingen tussen ‘de volwassene’ en ‘het kind’. Juist omdat de focus bij het kind ligt, zou je verwachten dat er een duidelijke kritiek op deze relatie naar voren komt. Maar deze kritiek verschuilt zich dan wel héél subtiel, want ik heb ‘m niet een-twee-drie kunnen spotten. Dat de film is geproduceerd door de Kanoon - het instituut voor de intellectuele ontwikkeling van kind en jongvolwassene – pleit ook niet bepaald voor de situatie. Het lijkt bepaald geen humanistische lofzang op het kind, maar eerder een bekrachtiging van reeds bestaande normen en waarden. Kinderen delven hierbij het onderspit.

Discipline is het sleutelwoord

Zowel de begin- als de slotscène vinden plaats in het klaslokaal. Hier benadrukt de autoritaire leraar tot vermoeiens toe het belang van educatie en gaat hierbij in zijn bewoordingen hardhandig en intimiderend te werk. De opvoeding van het kind moet uitgaan van een strikt beleid. Nadat de studentjes aan het eind van de les naar huis zijn gegaan en Ahmed zich realiseert dat hij het schriftje van zijn vriend Mohammed nog in z’n bezit heeft, vraagt hij aan zijn moeder of hij ‘m terug mag brengen. Ook hier komt de clash tussen generaties naar voren, want terwijl Ahmed – in het zeurderige Farsi – honderd keer smeekt om toestemming, blijft de feeks hem negeren. Ondertussen deelt ze orders uit: maak je huiswerk!, wieg de baby in slaap!, haal wat te eten! Uiteindelijk zegeviert de rebellie – een van de weinige uitingen hiervan – en maakt Ahmed zich in een sprankelende actie-sequentie uit de voeten.

Op zijn zinderende trip naar het andere dorp komt hij een aantal oude mensen tegen. Ook hier wordt weer de superioriteit van de volwassene benadrukt. Een van de meest potsierlijke momenten is te zien wanneer een graftak zich tegenover een andere bijna-dode beklaagt over het gebrek aan verantwoordelijkheid bij Ahmed. Er volgt een vrij lang en gepassioneerd betoog over het belang van opvoeding, waarin fikse tikken niet geschuwd hoeven te worden. Een vreemd propagandistisch element en – juist omdat de kritiek uitblijft – niets anders dan een flauwe manier om een bepaalde moraliteit in te peperen. Niet iets wat je van Kiarostami verwacht.

Propagandistisch neo-realisme

Na dit betoog zoekt het eendimensionale pluizenbolletje nog steeds naar het huis van zijn vriend. Maar overal wordt hij genegeerd. Zelfs na een achtervolging op een man te ezel – die meer over de plek van het huis lijkt te weten – komt de jongen bedrogen uit. Uiteindelijk, wanneer het begint te schemeren en de fletse beelden van de achenebbisj omgeving wat meer sfeer krijgen, komt Ahmed de meest sympathieke karakter van het stel tegen. Een oude man begeleidt hem op zijn tocht naar het huis, alwaar hij en passant het schriftje kan dumpen. Deze man is de enige die hem niet beoordeelt. Hier verschijnt warempel een gelijkwaardige verhouding. Wel moet meteen worden aangetekend dat hij met één been in het graf staat en in die zin geen baat heeft bij het arrogant uitdelen van bevelen.

Omdat de focus eigenlijk alleen maar op de disciplinering van het kind ligt, er verder vrij weinig aanwijzingen worden gegeven om een creatieve verzetsdaad te verrichten en de film door een nationaal instituut gefinancierd is, vind ik het geheel té propagandistisch aandoen. Dit doet nogal afbreuk aan de rustige neo-realistische flow, waarvan tijdens de zoektocht van Ahmed sprake is.