Angst (Gerard Kargl, 1983)

Angst is een uitermate intrigerend ondergeschoven kindje binnen het serial killer-genre. De qua thematiek met Henry (1986) en Seul contre tous (1998) verwante exploitatiefilm verhaalt over een gestoorde psychopaat met slechts één doel voor ogen: Opfer machen! Lees hier verder!

Slumdog Millionaire (Danny Boyle, 2008)

Danny Boyle is een echte veelvraat. Na o.a. de apocalyptische horror (28 Days Later…), de droogkomische familiefilm (Millions) en de sciencefiction (Sunshine) haalt hij hier zijn inspiratie bij de ‘Bollywoodfilm’ vandaan. Lees hier verder!

Zorns Lemma (Hollis Frampton, 1970)

Zorns Lemma is het structuralistische meesterwerk van avant-gardist Hollis Frampton. In minder dan een uur tijd wordt een zich steeds herhalende stroom aan woorden geprojecteerd. Deze stroom voltrekt zich volgens de orde van het alfabet, want elk woord is gekoppeld aan een specifieke letter. Na verloop van tijd worden de woorden vervangen door ‘betekenisloze’ beelden. In dit geheugenspel is het de taak van de kijker om het beeld te verbinden aan de oorspronkelijke letter. Klinkt misschien saai maar is het niet! Lees hier verder!

Der müde Tod (Fritz Lang, 1921)

De dood is doodop door de minachting die iedereen voor zijn harde arbeid heeft. Hij is het spuugzat om altijd maar weer het grote ‘nee!’ aan het leven te verkopen. Daarom maakt in Fritz Langs Der müde Tod een softe transformatie door. Op het moment dat hij een man op komt halen voor een enkeltje naar het hiernamaals blijft zijn wederhelft radeloos achter. Ze smeekt de dood om de terugkeer van haar geliefde. De vermoeide dood toont sympathie en biedt haar een kans – wanneer ze één van de drie gedoemde zielen van de ondergang redt, krijgt haar man het leven terug. Er volgen drie korte verhalen met een gelijke uitkomst: de dood. Lees hier verder!

Europa ’51 (Roberto Rossellini, 1952)

De stedelijke ruïne is in het naoorlogse Rome van Europa ’51 op zijn retour, maar nog altijd is er sprake van socio-economische ellende. Irene Gerard (Ingrid Bergman) heeft hier echter geen last van. Zij behoort tot de bourgeoisie en staat in haar luilekkerland mijlenver van de armoedige arbeiders af. Plotsklaps pleegt haar zoontje echter zelfmoord. Lees hier verder!

Shadows of Forgotten Ancestors (Sergei Parajanov, 1965)

Veel historische films – zeker in de categorie ‘epische oorlogsfilm’ – compenseren het gebrek aan feitelijke nauwkeurigheid met een sterke emotionele authenticiteit. De film hoeft niet per se vast te houden aan elk historisch feitje, zolang hij er maar in slaagt over te kunnen brengen hoe het leven er toentertijd ‘werkelijk uit had kunnen zien’. Toedeledokie ‘history’, welkom ‘story’. Maar hoe goed die films een bepaalde periode in de regel – lang leve de generalisering – ook weergeven, vaak schemert het heden er spijkerhard doorheen. Lees hier verder!

Where is the Friend’s Home? (Abbas Kiarostami, 1987)

Where is the Friend’s Home? biedt een blik op het leven van het Iraanse platteland door de ogen van Ahmed, een jochie van acht. Via hem kijken we naar de hiërarchische verhoudingen tussen ‘de volwassene’ en ‘het kind’. Juist omdat de focus bij het kind ligt, zou je verwachten dat er een duidelijke kritiek op deze relatie naar voren komt. Maar deze kritiek verschuilt zich dan wel héél subtiel, want ik heb ‘m niet een-twee-drie kunnen spotten. Lees hier verder!

Two-Lane Blacktop (Monte Hellman, 1972)

Two-Lane Blacktop is overduidelijk een exponent van de seventies en neemt in het kielzog van Easy Rider (1969) een belangrijke plaats in te midden van roadmovies zoals Five Easy Pieces (1970), Zabriskie Point (1970), Duel (1971) en Badlands (1973). Hoewel racewagens en uitgestrekte wegen belangrijke elementen zijn, probeert Monte Hellman echter met alle macht niet te voldoen aan de conventies van de roadmovie. In plaats van sprankelende races over het bloedhete asfalt, krijgen we hier te maken met de zielenroerselen van de racers. Gladde gasten en hitsige cockpitbimbo’s maken plaats voor stoners en een hippiemeisje. Lees hier verder!

Expanded Cinema in EYE


In EYE is sinds gisteren de tentoonstelling Expanded Cinema te zien. Hierin tonen de filmmakers Isaac Julien, Yang Fudong en Fiona Tan hoe film op inventieve wijze uit zijn voegen kan barsten. De beperkingen van het witte doek zijn voorbij. Met behulp van meerdere schermen geven de drie kunstenaars hun ambitieuze ideeën over onder andere tijd, identiteit en geschiedenis prijs. En dat niet alleen. Ook als bezoeker komt een nieuwe vorm van filmbeleving op je af: diverse schermen vechten continu om je aandacht in de smaakvol ingerichte expositieruimtes van EYE. Oude kaders worden doorbroken. Lees hier verder!

Children Underground (Edet Belzberg, 2001)

Children Underground
Children Underground lijkt hetzelfde lot beschoren als de vijf zwerfkinderen waar het om gaat: bijna niemand heeft er aandacht voor. En dat is jammer, want dit is een documentaire die inslaat als een bom. De kracht schuilt ‘m vooral in de uiterst ongepolijste blik op het leven van de Roemeense jongeren. Het harde bestaan in een metrostation komt in al z’n ruwheid aan bod. Vechtpartijen, drugsgebruik, automutilatie; niets blijft buiten beeld. Lees hier verder!